Ooh, kom er eens kijken! ( de grote reus )
|
Ooh, kom er eens kijken, de grote reus loopt door het woud. |
|
Daar wonen kabouters, die zijn wel eens stout. |
|
* Want als hij slaapt die grote reus. |
|
Trekt één kabouter hem aan zijn neus. |
|
Eén aan zijn arm, één aan zijn been. |
|
Kaboutertjes loop nu heen. |
|
Ooh, kom er eens kijken, de grote reus is opgestaan. |
|
Hij zal de kabouters, wel eens zoeken gaan. * herhaal |
